(Lemelerberg, gemeente Ommen)
Het Lemelse heidelandschap bestaat uit de Lemelerberg, een stuwwal van 78 meter hoog bij het dorp Lemele in het Overijsselse Vechtdal. De Lemelerberg ontstond zo'n 150.000 jaar geleden, in het voorlaatste ijstijdvak, het Saalien, toen oprukkend landijs grote hoeveelheden zand en grind voor zich uit duwde en als schubben dakpansgewijs op elkaar stuwde, waardoor deze bult achterbleef in een verder vlakke omgeving. De variatie van open heide en stuifzand tot naaldbos maakt het gebied ecologisch waardevol.
De heide wordt sinds 1979 begraasd door een kudde van 251 Veluwse heideschapen van Schaapskudde Lemelerberg, die Landschap Overijssel inzet om te voorkomen dat de berg dichtgroeit. Sinds 2012 is schaapsherder Anita Wichers de drijvende kracht achter de kudde; samen met zeven vrijwillige herders en hun honden onderhoudt zij dagelijks de heide op de berg. Van mei tot en met december leven de schapen vrijwel volledig van de vegetatie op de berg.
De arme, droge zandgrond was voor boeren nooit geschikt om te bewerken, waardoor het gebied altijd zijn natuurlijke karakter behield. Eeuwenlange begrazing door schapen leidde tot uitgestrekte heidevelden, terwijl overbegrazing plaatselijk zandvlaktes deed ontstaan; om het stuivende zand te beteugelen werden naaldbomen aangeplant. In de loop van de vorige eeuw groeide het heidegebied bovenop de stuwwal daardoor grotendeels dicht met bos, tot slechts enkele kleine, van elkaar gescheiden heidevelden overbleven; tegenwoordig wordt een deel van deze bebossing weer teruggedraaid om de karakteristieke heide te herstellen.
Flora en fauna: de zandhagedis is een kenmerkende bewoner van de warme, zandige plekken. Boven de heide jaagt de boomvalk op grote insecten en kleine vogels, terwijl de boomleeuwerik zijn tinkelende zang laat horen. In de bloeiende heide zoemen hommels en vlinders, waaronder het heideblauwtje.
Dinamo Fonds