Uitkeringen

Uitkeren doen we ten behoeve van projecten van andere instellingen. Aanvragen worden bij ons ingediend en wij hebben dan als het ware de opdracht om een selectie te maken: wie wel en wie niet. Eerst gaan we na, wat een gegadigde precies doet en wat die wil gaan doen met een eventueel toegekende uitkering. Dit moet uiteraard passen in de doelstellingen van het Dinamo Fonds. Hierin zijn we bepaald strikt en verlangen dat de uitgekeerde gelden onze doelen zo direct mogelijk ten goede komen. Zo geven we geen geld voor educatie of het uitgeven van boeken, voor dissertaties, voor studiereizen en wat dies meer zij. Achter elke aanvrage schuilt een verhaal. Dat lezen we en indien onze doelen er mee gediend worden, stellen we de vraag of ons vertrouwen gerechtvaardigd is. Daarover oordelen we meestal pas na een onderzoek van de financiën van de instelling die om uitkering vraagt. We willen niet de rol van accountant spelen, maar menen toch wel uit cijfers conclusies te mogen trekken.

Op het gebied van dierenwelzijn komen we niet alleen de Dierenbescherming en de Vogelbescherming tegen. Daarnaast bestaan tal van kleine instellingen, die zich vaak met hart en ziel voor dieren inzetten. Vrijwel allemaal bestaan die dankzij het enthousiasme van vrijwilligers. Mede daarom zijn ze bescheiden in hun verlanglijstje in vergelijking met bijvoorbeeld restaurerende lichamen. Die moeten nu eenmaal veel meer kosten maken om onze doelen te kunnen dienen.

Voor natuurprojecten hebben we de keuze uit natuurontwikkelingsprojecten en financiering van grondaankopen door natuurbeschermingsinstellingen. Medefinanciering van aankoop trekt ons erg aan, omdat koop een zekerstelling van de toekomst inhoudt. Maar anderen, die zich richten op de kwaliteit van natuur, steunen we in principe ook graag. Ook al in een prille fase, zoals bijvoorbeeld in 2004 toen Het Limburgs Landschap ons om geld vroeg voor het maken van een bestek ten behoeve van een plan, waarmee ze de boer op konden om overheidsfinanciering e.d. zeker te stellen. Het betrof hun project Einderbeek/Schoorkuilen in de Neder-Peel, dat nu is gerealiseerd.

Wanneer het om monumenten gaat, is onze bijdrage nagenoeg altijd uiterst bescheiden. We negeren de grote restauraties niet, maar vergeten vooral de ‘kleine’ in hun soort niet. We kunnen dan zelfs wel eens een cruciale rol spelen. Dat was in 1994 het geval met het kerkje van Heveskes, een gehucht in de buurt van Delfzijl. De stichting die het gebouw van de ondergang wilde redden, kreeg van de Gemeente Delfzijl het neen, tenzij ze voor een zeker bedrag aan financiële steun uit de burgermaatschappij kon zorgen. Wij hebben toen ons hele jaarbudget voor monumentenzorg aan de stichting Redt de Kerk van Heveskes toegekend. Onze ƒ10.000 bleek net genoeg om de Gemeente Delfzijl te overtuigen en zo is het kerkje op het nippertje ‘gered’. Het is nu eigendom van de Stichting Oude Groninger Kerken en staat er prachtig bij.